

         
Klik
hier
om een printbare
versie te krijgen |
 |
| |
Er was eens een jongen die altijd boos werd. Op een
dag gaf zijn vader hem een tas vol met spijkers, en
zei: Mijn zoon, ik wil dat je elke keer als je boos
wordt en je geduld dreigt te verliezen, dat je een
spijker in het hek slaat.
De zoon begon het advies van zijn vader op te
volgen. Op de eerste dag heeft hij 37 spijkers in
het hek geslagen, maar met een hamer de spijkers in
het hek slaan is niet gemakkelijk. Dus hij
probeerde, elke keer als hij boos dreigde te worden,
zichzelf te beheersen.
Dagen gingen voorbij, en hij sloeg steeds minder
spijkers in het hek. En na weken was hij in staat om
zijn woede te beheersen. Hij ging naar zijn vader om
hem te vertellen wat hij bereikt heeft. Zijn vader
was blij en zei: Nu, mijn zoon, moet je een spijker
uit het hek halen elke dag dat je niet boos bent
geworden.
De zoon begon de spijkers uit het hek te halen, elke
dag dat hij niet boos werd, totdat er geen spijkers
meer overbleven. Weer ging hij naar zijn vader om
hem te vertellen wat hij bereikt had.
Zijn vader nam hem mee naar het hek en zei: Mijn
zoon, je hebt het goed gedaan, maar kijk de gaten in
het hek. Dit hek zal nooit hetzelfde zijn als eerst.
Elke keer als je uit boosheid iets zegt laat je,
zoals deze gaten, een litteken achter in de harten
van anderen. Je kunt een persoon neersteken met een
mes, en het mes er uit halen. Maar hoe vaak je ook
sorry zegt, de wond zal er blijven.
|
|
|
Naar het
begin |
|

Op gezag van Aboe Hurairah
(moge Allah tevreden met hem
zijn), die zei dat de Boodschapper
van Allah(moge hij de zegeningen
en vrede van Allah krijgen) zei:
“Allah heeft gezegd:
“Ik heb voor Mijn rechtgeschapen
dienaren voorbereid wat geen oog
ooit gezien en geen oor ooit
gehoord heeft, noch is het in het
menselijk hart verschenen.Reciteer
dus, als je wenst: “En geen
enkele ziel weet, welke vreugde er
voor hem verborgen blijft.”
Dit is overgeleverd door Al-Boechari,
Moeslim, at-Tirmidhi en Ibn Maadjah.
|