Dialoog met een Christen
Vraag:
Als ik me niet vergis dan is het in de Islam zo dat het paradijs een plek is
van wijn, vrouwen en gezang. Dit kan men ironisch genoeg bereiken door in
dit leven zichzelf te onthouden van de dingen waarmee men vervolgens in
Hiernamaals wordt beloond. Naast deze onthouding moet men zich houden aan de
vijf zuilen van de Islam. Het komt mij allemaal een beetje over als een
doe-het-zelf geloof. Volg deze manier van leven en je zult bij God in de
gunst vallen en eventueel gered worden. Er is echter geen garantie!
Ik zou er een hekel aan hebben om zo te moeten leven.
Ik realiseer mij dat
moslims niet geloven in de erfzonde, maar ongeacht of een persoon nu met of
zonder zonden geboren wordt, ben je het toch met mij eens dat de mens zonden
pleegt. Hoe kan iemand het goed maken voor deze zonden? Ik begrijp het
begrip vergeving. Daar ben ik het ook mee eens…, maar het lijkt erop dat
iemand nooit genoeg kan doen om de gunst van God te winnen. Dit is
dan ook de reden dat Hij Zijn Zoon heeft gestuurd om voor ons te sterven,
voor onze voorgaande en toekomstige zonden. In de Islam bestaat er niet
zoiets als zekerheid. Ik zou het een afschuwelijke gedachte vinden, wetende
dat ik het nooit zou redden. Tot aan de Dag des Oordeels niet wetende of ik
zou worden gered of dat ik niet genoeg goede daden heb verricht enz. Ik heb
een paar moslims in mijn klas gevraagd of zij wisten of zij naar het
Paradijs of de Hel zouden gaan na hun dood. Ik heb nog geen van hen dit
horen bevestigen. Zij wezen alleen op hun imperfecte levens als zijnde een
belemmering tussen hen en het Paradijs. Er is geen zekerheid in de Islam
omdat er geen boetedoening is en bevrijding hangt volledig af van het
behalen van individuele ‘bonuspunten’.
Ook als ik moslim zou
willen worden dan zou dit niet mogelijk zijn. Als moslims denken dat zij het
‘uitverkoren volk’ zijn, waarom verspreiden zij dan niet hun geloof. Of moet
je gewoon geluk hebben dat je als moslim wordt geboren. Als iemand Christen
wil worden dan kan dat. Iedereen kan in een mum van tijd Christen
worden. Men hoeft slechts te getuigen dat Jezus Christus is wie hij zei,
berouw tonen en geloven. Dat is natuurlijk allemaal makkelijker gezegd dan
gedaan, maar hier komt het in principe wel op neer.
Ik ben zelf niet
geboren of opgevoed als Christen. Christenen geloven dat Jezus Christus de
enige weg is naar God, omdat de geschriften dit zeggen: “Redding wordt
nergens anders gevonden, omdat er geen andere naam is onder de hemel die
gegeven is aan de mensen door wie wij kunnen worden gered.” [Handelingen
4:12] Jezus zelf zei: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand
komt tot de Heer behalve door mij.” Hij zei niet: “Ik ben één van de wegen
of een waarheid, maar de Waarheid. Ik en de Vader zijn één. Ik kan
niet begrijpen hoe iemand blind kan zijn voor deze feiten. Of het moet hen
nooit verteld zijn, zoals in mijn geval. Ik zou graag een reactie van jullie
willen.
Antwoord:
Alle lof zij Allah.
Wij waarderen jouw vragen omtrent de ideeën die jij hebt over de Islam. Wij
zullen ingaan op datgene wat jij hebt geschreven en hopen jouw gedachten te
corrigeren, zodat de waarheid over de Islam duidelijk zal zijn.
Wat jij hebt genoemd over het
Islamitische concept van het Paradijs en het genot van wijn, vrouwen en
gezang slaat de plank compleet mis. De geneugten van het Paradijs zijn niet
slechts lichamelijk van aard, maar omvatten ook gevoelens van veiligheid,
geborgenheid en tevredenheid met Allah
en het in de nabijheid van Hem verkeren. Het grootste genot in het Paradijs
zal het zien van Allah’s Aangezicht zijn. Wanneer de mensen van het
Paradijs het Heilige Aangezicht van Allah zien, zullen zij alle andere
geneugten vergeten. In het Paradijs is van alles dat het hart en de ogen
verblijdt, je zult er geen vies of slecht gepraat
horen. Immers, Allah zegt wat
als volgt vertaald kan worden.
Geen
ziel weet wat voor haar verborgen
wordt gehouden aan zaligheid als beloning voor wat zij plachten te doen.
(Soerat al-Sadjdah:17)
Wat ik
probeer te zeggen is dat de gunsten van het Paradijs niet beperkt zijn tot
die zaken waar jij naar verwijst in jouw vraag. Zij zijn veel ruimer dan
dat.
Jij zegt dat toetreding tot het
Paradijs slechts wordt verleend aan hen die acht slaan op bepaalde verboden,
en dat zij deze verboden zaken dan als beloning zullen krijgen in het
Paradijs. Deze generalisatie klopt absoluut niet. De Islam is een religie
die geboden oplegt, en niet slechts verboden. Bevrijding kan slechts bereikt
worden door het uitvoeren van geboden, niet door slechts de verboden zaken
te mijden. Verder is niet elk genot in het Paradijs hier op aarde verboden.
Sommige van de geneugten van het Paradijs zijn voor de gelovigen reeds
aanwezig in dit leven. Zoals het huwelijk, maar ook aangename vruchten zoals
granaatappels, vijgen enz. Al deze zaken zijn ook toegestaan in dit leven en
behoren tot de geneugten van het Paradijs.
De
slechte eigenschappen van zaken die verboden zijn in dit leven, zullen niet
aanwezig zijn bij hun hemelse variant. Bijvoorbeeld de wijn van het
Paradijs, zoals Allah ons vertelt, bezorgt deze geen kater of dronkenschap.
Allah zegt in de Koran wat als volgt vertaald kan worden
“(Deze
drank) veroorzaakt geen dronkenschap en zij krijgen er geen hoofdpijn
(kater etc.) van.”
(Soerat
as-Saafaat: 47)
Het
benevelt de geestestoestand van de mens niet, dit in tegenstelling tot de
wereldse variant. Het punt dat ik wil maken is dat de geneugten van het
Paradijs niet slechts bestaan uit zaken die in dit leven verboden zijn.
De gedachte dat het Paradijs
gegarandeerd wordt en dat een leven zonder deze garantie ondraaglijk en
verschrikkelijk zou zijn, is een misvatting en leidt tot datgene wat jijzelf
beschrijft. Als jij zegt dat elke persoon bij voorbaat de garantie heeft op
het binnentreden van het Paradijs, dan zou dit desastreus zijn omdat
iedereen dan maar gewoon verboden zaken zou verrichten en zich
tegelijkertijd veilig waant door deze garantie. Veel van de misdaden die
zijn begaan door de Joden en Christenen gebeurden op basis van deze garantie
en vergeving die in het vooruitzicht werd gesteld door hun priesters. Allah
zegt over hen in de Koran
wat
als volgt vertaald kan worden
:
“En
zij zeiden: ,,Niemand zal het Paradijs binnentreden behalve wie Jood of
Christen is.” Dit is wat zij wensen. Zeg: “Brengt jullie bewijs voort indien
jullie de waarheid spreken.”
(Soerat
al-Baqarah: 111)
Voor ons moslims is het Paradijs niet een kwestie van onze eigen begeerte of
die van anderen. Allah zegt:
Allah
wat als volgt vertaald kan worden:
“Het zal niet in overeenstemming zijn met wat jullie wensen of wat de mensen
van het Boek wensen. Wie slecht doet zal de beloning hiervoor vinden en hij
zal buiten Allah geen Beschermer noch Helper vinden.”
(Soerat
an-Nisaa’: 123)
De Islam geeft de garantie aan iedere oprechte moslim die Allah gehoorzaamt
en in deze staat van devotie blijft totdat hij sterft, dat hij zeker het
Paradijs zal binnentreden.
Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:
“En
degenen die geloven en goede daden verrichten, Wij zullen hen het Paradijs,
waaronder rivieren stromen doen binnentreden
(waarin zij) eeuwig verblijven. De belofte van Allah is de waarheid. En
wiens woord is waarachtiger dan die van Allah?” (Soerat
an-Nisaa’: 122)
“Allah
beloofde degenen die geloven en goede daden verrichten, dat hen vergeving en
een geweldige beloning ten deel valt.”
(Soerat al-Maa’iedah:
9)
“Tuinen van Eden, die de Barmhartige in het ongeziene heeft beloofd aan Zijn
dienaren. Voorwaar! Zijn belofte zal geschieden.”
(Soerat Mariam:
61)
“Zeg:
,,Is dat beter, of
het eeuwige
Paradijs die aan de godsvrezenden is beloofd?” Het is voor hen een beloning
en een eindbestemming.”
(Soerat al-Foerqaan: 15)
“Maar
zij die hun Heer vreesden; voor hen zijn er kamers waarboven
(andere) kamers zijn gebouwd, waaronder rivieren stromen. Een belofte van
Allah, Allah breekt de belofte niet.”
(Soerat az-Zoemar: 20)
“Allah heeft de huichelaars en de huichelaarsters en de ongelovigen het vuur van de Hel beloofd, waarin zij eeuwig verblijven. Dit volstaat hen. En Allah heeft hen vervloekt en voor hen is er een voortdurende bestraffing.” (Soerat at-Tauwbah: 68)
“En degenen die niet geloofden, voor hen is er het vuur van de Hel. Zij zullen (daarin) niet sterven, noch zal haar bestraffing voor hen verlicht worden. Zo belonen wij iedere zwaar ongelovige.” (Soerat Faatir: 36)
“Dit is de Hel, die jullie werd beloofd. Treedt haar vandaag binnen wegens
wat jullie plachten niet te geloven.”
(Soerat Yaasien: 63-64)
Allah zal niet terugkomen op zijn belofte aan de gelovigen of aan de ongelovigen. Hij beschrijft hun toestand op het einde van de Dag des Oordeels als volgt vertaald kan worden:
“En de
bewoners van het Paradijs roepen tot de bewoners van de Hel: ,,Wij hebben
waarlijk aangetroffen datgene wat onze Heer ons beloofde. Hebben jullie
(ook)
aangetroffen wat jullie Heer jullie beloofde? Zij zeggen: ,,Ja!” Waarna een
verkondiger onder hen verkondigt, dat de vloek van Allah op de
onrechtplegers rust.”
(Soerat al-Acraaf:
44)
Iedereen die gelooft, goede daden verricht en in deze staat sterft, zal
zeker het Paradijs binnentreden. Zo ook zal iedereen die ongelovig is,
slechte daden verricht en in deze staat sterft, zeker de Hel binnentreden.
Een
belangrijk principe in de Islam is dat de gelovige Allah moet aanbidden
tussen vrees en hoop. Hij moet het niet voor vanzelfsprekend aannemen dat
hij het Paradijs zal binnentreden, dit zal hem immers laks maken en als
gevolg daarvan zal hij niet weten in welke staat hij zal sterven. Noch moet
hij er bij voorbaat vanuit gaan dat hij naar de Hel zal gaan, omdat het
wanhopen aan de Barmhartigheid van Allah inhoudt. Dit is niet toegestaan in
de Islam. De gelovige verricht dus goede daden en hoopt dat Allah hem
hiervoor zal belonen en hij vermijdt slechte daden uit angst voor de
bestraffing van Allah. Als hij een zonde begaat, heeft hij berouw opdat hij
vergeven zal worden. Op deze wijze kan hij zichzelf beschermen tegen de
bestraffing van het Vuur.
Allah
vergeeft alle zonden en aanvaardt het berouw van hen die berouwvol zijn. Als
een gelovige vreest dat hij te weinig goede daden heeft verricht, zoals jij
beweert, dan zal hij zich meer inspannen om de tevredenheid van Allah te
verdienen. Ongeacht het aantal goede daden dat men verricht, kan hierop niet
vertrouwd worden. De goede daden moeten niet voor gewoon aangenomen worden.
Als de gelovige dit doet zal dit leiden tot zijn vernietiging. Hij blijft
dus streven naar en hopen op de beloning van Allah, maar tegelijkertijd
vreest hij dat zijn daden besmet zijn met uitsloverij, zelfverheerlijking of
iets dergelijks dat ertoe zal leiden dat zijn daden zullen worden geweigerd
door Allah. Allah beschrijft de gelovigen op een manier die als volgt
vertaald kan worden:
“En
degenen die geven
(liefdadigheid) wat zij geven, terwijl hun harten sidderen, omdat zij
weten dat zij zullen terugkeren naar hun Heer.”
(Soerat al-Moe’minoen: 60)
Ten
eerste:
Het
Islamitisch standpunt met betrekking tot menselijke zonden is; Elk individu
draagt de verant- woordelijkheid van zijn eigen daden. Niemand anders hoeft
dit voor hem te dragen en hij hoeft het voor niemand anders te dragen. Allah
zegt
wat als volgt vertaald kan worden:
“En
geen enkele lastdrager zal de last van een ander dragen.”
(Soerat Faatir: 18)
Dit
weerlegt de gedachte van de erfzonde. Als de vader een zonde begaat, wat is
dan de fout van de kinderen of de grootouders hierin. Waarom zouden zij de
last van de zonde moeten dragen die door een ander werd gepleegd. De
Christelijke doctrine dat de nakomelingen de zonde moeten dragen van hun
vader, is een bron van onrechtvaardigheid. Hoe kan een weldenkend mens nu
zeggen dat een zonde door de eeuwen heen gedragen moet worden door de gehele
mensheid of dat de kinderen, kleinkinderen enz. besmet zullen zijn met de
zonde van hun vader?
Ten
tweede:
Het
maken van fouten ligt in de aard van de mens. Onze Profeet
(vrede zij met hem)
zei:
“Iedere zoon van Adam
(de
mensheid) maakt fouten..”
Maar
Allah heeft de mens niet in een staat achtergelaten waarin hij niets kan
doen om het goed te maken voor deze fouten. Hij heeft de mensen de
mogelijkheid gegeven om berouw te tonen. De overlevering sluit dan ook af
met de woorden:
“en de
beste van hen die fouten begaan zijn zij die berouw
tonen.”
(Tirmidhi)
De
Vergevingsgezindheid van Allah is een voldongen feit in de Islam. Allah
zegt
“Zeg:
,,O, Mijn dienaren, die buitensporig zijn tegenover zichzelf. Wanhoopt niet
aan de Genade van Allah. Waarlijk! Allah vergeeft alle zonden. Voorwaar! Hij
is de Vergevingsgezinde, de Meest Barmhartige.”
(Soerat az-Zoemar: 53)
Dit is
de aard van de mens en dit is de oplossing voor het probleem van de zonde.
Maar om nu de aard van de mens (die hoe dan ook fouten begaat) als een
belemmering te zien tussen de dienaar en zijn Heer, zal hem ervan weerhouden
ooit de gunst van zijn Heer te verdienen. Om te zeggen dat de enige weg om
God te bereiken via Zijn zoon is die Hij heeft gestuurd om op aarde
vernederd en gekruisigd te worden terwijl zijn vader zit toe te kijken, en
dit alles zodat de mensen dan vergeven kunnen worden, is een bizarre
gedachte. Alleen al het beschrijven hiervan klinkt zo onwaarschijnlijk dat
er geen behoefte lijkt om dit in detail te weerleggen.
Toen
ik deze kwestie eens met een Christen besprak, zei ik: “Als je beweert dat
Allah zijn zoon heeft gezonden om gekruisigd te worden zodat de mensen die
toen leefden, en diegenen die na hem kwamen te bevrijden van hun zonden, hoe
zit het dan met de mensen voor de komst van Jezus, die als zondaars
stierven? Zij hadden niet de kans om over Jezus te leren en te geloven in de
kruisiging? Konden hun zonden dan vergeven worden? Het enige wat hij kon
zeggen, was: “Onze priesters hebben hier ongetwijfeld een antwoord op!”
Zelfs als ze antwoord zouden hebben, dan is dit ongetwijfeld bekokstoofd. Er
bestaat geen echt antwoord.
Als je
de Christelijke doctrine van de menselijke zonde zonder vooringenomenheid
bekijkt, dan zul je zien dat zij zeggen dat God Zijn zoon heeft opgeofferd
om te sterven voor de zonden van de mensheid en dat Zijn zoon god was. Als
het waar zou zijn dat hij God was die vervolgens op aarde werd geslagen,
beledigd, gekruisigd en tenslotte stierf, dan bevat deze doctrine elementen
van godslaster, omdat het God beschuldigt van zwakheid en Hem de
mogelijkheid ontneemt om Zichzelf te beschermen.
Is God
niet in staat om de zonden van al Zijn dienaren te vergeven met één woord?
Als Hij hiertoe in staat is (zoals de Christenen zelf toegeven), waarom moet
Hij dan Zijn zoon opofferen alvorens de mensen te vergeven. Ver Verheven is
Hij boven datgene wat de onrechtplegers aan Hem toeschrijven.
“De
Totstandbrenger van de hemelen en de aarde. Hoe kan Hij een zoon hebben,
terwijl Hij geen vrouw heeft? En hij schiep alles, en Hij heeft kennis over
alles.”
(Soerat al-Ancaam:
101)
Een
gewoon mens zou het niet eens accepteren als iemand zijn kind schade zou
willen toebrengen. Hij zou het kind komen verdedigen en zou het nooit
overdragen aan de vijand die het kind zou beledigen, laat staan op de meest
gruwelijke wijze vermoorden. Als dit de houding is van een mens wat te
denken dan van de Schepper?
Ten
derde:
De
Christelijke doctrine van de erfzonde heeft negatieve gevolgen omdat het
niet, zoals jij zelf stelt, bepaalde handelingen van de mens verwacht,
buiten natuurlijk het geloven dat God Zijn zoon heeft gestuurd naar deze
wereld om gekruisigd te worden en te sterven voor de zonden van de mensen.
Een persoon wordt dus Christen en verdient daarmee de gunst van God en wordt
toegelaten tot het Paradijs. Verder gelooft de Christen dat alles wat Jezus
heeft doorstaan, plaats heeft gevonden zodat hij bevrijdt wordt van zijn
eigen zonden, die van het verleden, heden en die van de toekomst. Het is dus
niet vreemd te zien dat Christelijke gemeenschappen te maken hebben met een
toename in het aantal moorden, verkrachtingen, overvallen, alcoholisme en
allerlei andere problemen. Christus was toch gestorven voor hun zonden! En
zijn hun zonden niet bij voorbaat vergeven? Waarom zouden zij dan stoppen
met de dingen die zij doen?
Vertel
mij, bij jouw Heer waarom jullie soms moordenaars executeren, of misdadigers
in de gevangenis gooien als je gelooft dat de zonden van de misdadiger zijn
vergeven door het bloed van Christus? Is dit geen vreemde contradictie?
Jij
vraagt mij, dat als moslims het uitverkoren volk zijn waarom zij dan niet
hun geloof uitdragen naar de rest van de mensen. Het is echter een feit dat
oprechte moslims dit nu doen en altijd hebben gedaan. Hoe kan het anders dat
de Islam verspreid is van Mekka tot Indonesië, Siberië, Noord Afrika,
Bosnië, Zuid Afrika en alle andere delen van de wereld, oost en west? De
fouten in het gedrag van sommige moderne moslims kunnen niet toegeschreven
worden aan de Islam. Sterker nog, deze fouten zijn juist het gevolg van het
feit dat zij tegen de leerstellingen van de Islam ingaan. Het getuigt niet
van eerlijkheid om de religie de schuld te geven voor de fouten van sommige
volgelingen die juist tegen de leerstellingen van de Islam ingaan of
afgedwaald zijn.
Zijn
de moslims niet rechtvaardiger dan de Christenen wanneer zij bevestigen dat
degene die zondigt bedreigd wordt met de bestraffing van Allah als hij geen
berouw toont, en dat er voor sommige zonden een afschrikmiddel bestaat; een
straf die uitgevoerd moet worden in dit leven zodat men hiervan gevrijwaard
is in het Hiernamaals, zoals in het geval van moord, diefstal, overspel enz.?
Jij
zegt dat het in tegenstelling tot de Islam gemakkelijk is om Christen te
worden. Dit is een duidelijke misvatting. De sleutel tot de Islam bestaat
niet uit meer, dan het uitspreken van twee zinnen:
(Er is
geen God die het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah.
En ik getuig dat Mohammed de Boodschapper is van Allah.)
Met
deze weinige woorden betreedt een persoon binnen enkele seconden de Islam.
Er komen geen doop of priesters bij kijken. Je hoeft zelfs niet naar een
specifieke plaats te gaan, zoals een moskee. Vergelijk dit met de procedure
rond het dopen van iemand die wordt toegelaten tot de Kerk.
Dan is
er nog het verschijnsel dat de Christenen het kruis, waaraan Jezus
(vrede zij met hem)
gemarteld en gekruisigd is, nemen tot een heilig object van zegeningen en
genezing in plaats van het te haten en te zien als een symbool van
onderdrukking.
Zie je
dan niet dat Moslims dichter bij de waarheid zijn dan anderen? Dit komt
omdat zij geloven in alle Profeten en Boodschappers
(vrede zij met hem),
hen allemaal respecteren en erkennen dat zij allen de waarheid van de
Goddelijke eenheid (Tawhied) predikten. Zij werden allen door Allah gestuurd
naar hun volk met wetten die toepasselijk waren voor die specifieke tijd en
plaats. Wanneer de eerlijke Christen kijkt naar de volgelingen van de Islam
die geloven in Mozes (Musa) (vrede
zij met hem),
Jezus (cIsa) (vrede
zij met hem)
en Mohammed (vrede zij met hem),
en geloven in de oorspronkelijke Thora en Nieuwe Testament en in de Koran.
Terwijl hij ziet dat zijn eigen mensen de Profeetschap van Mohammed
(vrede zij met hem)
ontkennen en de Koran verwerpen. Zou zijn eerlijkheid hem niet ertoe brengen
te geloven dat de Moslims het dichts bij de waarheid zijn.
Jij
zegt dat de Messias (vrede zij
met hem)
heeft gezegd: “Niemand komt tot de Heer, behalve door mij.” Wij moeten er
eerst zeker van zijn dat deze woorden kunnen worden toegerekend aan Jezus
(vrede zij met hem).
Ten tweede is dit een duidelijke leugen. Hoe dan kon de mensheid God leren
kennen ten tijde van Noach (Noeh), Jonas (Joenoes), Jethro (Shucaib),
Abraham (Ibrahiem), Mozes (Musa)
(vrede zij met hem)
en de andere Profeten (vrede
zij met hen)?
Als je zou zeggen dat gedurende de tijd tussen Jezus
(vrede zij met hem)
en de Profeet Mohammed (vrede
zij met hem),
de kinderen van Israël langs geen andere weg de religie van God te konden
leren kennen, behalve door de weg van Jezus
(vrede zij met hem),
dan heb je gelijk.
Jij
zegt dat de Messias (vrede zij
met hem)
zei: “Ik en de Vader zijn één.” Dit is duidelijk onjuist. Als wij dit
objectief bekijken, zonder dat wij onze begeertes in de weg laten komen, dan
wordt het duidelijk dat het woordje ‘en’ in de zin ‘Ik en de Vader zijn één’
veronderstelt dat er sprake moet zijn van twee entiteiten. ‘Ik’ is één
entiteit en ‘de Vader’ is een ander. Als jij zegt: “die persoon en ik”, dan
is het duidelijk voor iedere redelijk denkende mens dat het hier gaat om
twee verschillende personen. De optelsom van 1+1=1 slaat voor elk redelijk
denkende mens nergens op, of hij nu wiskundig is of niet.
Tenslotte adviseer ik jou (en ik denk niet dat je spijt zult krijgen van dit
advies) om diep na te denken over datgene wat je zojuist hebt gelezen en om
je achtergrond, je eigen begeertes en gevoelens van verbondenheid met jouw
geloof en cultuur opzij te zetten en oprecht Leiding te vragen van Allah.
Allah,
de Meest genadevolle zal nooit één van Zijn dienaren in de steek laten.
Allah is het Die leidt naar het Rechte Pad, Hij zorgt voor ons en is De
beste Zaakwaarnemer.
(Bron: www.al-yaqeen.com)