Door Sheikh oel-Islaam Mohammed ibn Abdel-Wahhaab
Allah de Almachtige, Heer van de Glorieuze Troon, ik bid
dat Hij jou, beste lezer, zal leiden in deze wereld en
de volgende; dat Hij jou altijd zal zegenen waar je ook
bent; dat Hij jou één van degenen maakt, die Zijn
Gunsten herkennen, die standvastig blijven wanneer ze
moeilijkheden treffen en berouw tonen en Zijn
vergiffenis zoeken wanneer ze ongehoorzaam zijn of
zondigen. Deze drie eigenschappen zijn de kenmerken van
succes.
Weet dat zuivere aanbidding en monotheďsme, wat de
religie van Abraham (vrede zij met hem) is, bestaat uit
het aanbidden van Allah alleen, en volledig toewijden
aan Zijn aanbidding. Allah heeft gezegd (vertaling):
“En ik heb de Djinn en de mens slechts geschapen om Mij
te aanbidden.”
Zodra je weet dat Allah jou geschapen heeft om Hem te
aanbidden, zal je je realiseren dat er geen dienaarschap
kan zijn zonder zuiver monotheďsme (Arabisch: Tawhied).
Net zoals dat het gebed niet geaccepteerd wordt zonder
reinheid en er geen sprake kan zijn van reinheid als men
onrein is, is er geen aanbidding van Allah wanneer men
anderen met Hem vereenzelvigt (Arabisch: Shirk).
Door anderen naast Allah te stellen bevuilt men de
aanbidding en zo worden daden vruchteloos en wordt men
verdoemd tot het eeuwige hellevuur (moge Allah ons
hiertegen beschermen). Wanneer je dit erkent, beste
lezer, dan zal je je realiseren dat je grootste zorg
moet zijn dat je over deze kennis beschikt, zodat Allah
je redt van de afschuwelijke bestemming van de Hel.
Allah de Verhevene heeft gezegd: “Waarlijk, Allah
vergeeft niet dat men iets met Hem vereenzelvigt, maar
Hij zal al hetgeen daarbuiten staat vergeven, wie Hij
wil. En wie iets met Allah vereenzelvigt, heeft
inderdaad een zeer grote zonde begaan.”
Deze essentiële kennis bestaat uit vier basisregels, die
Allah de Verhevene heeft genoemd in Zijn Boek.
Eerste regel:
De eerste regel is het hebben van de kennis dat de
ongelovige heidenen, die de tegenstanders waren van de
profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) die
hij bestreden had, erkenden dat Allah de Verhevene, moge
Hij verheerlijkt worden, inderdaad de Schepper is,
Voorziener en de Maker van deze wereld is. Dit maakte
hen echter niet tot moslims. Het bewijs hiervoor vinden
we in de aayah (vertaling): “Zeg: Wie schenkt jullie
voorzieningen uit de hemel en de aarde,” of: “Wie heeft
macht over (het scheppen van) het horen en zien en wie
brengt het levende voort uit het dode en wie brengt het
dode voort uit het levende, en wie verordent het
bestuur?” Zij zullen zeggen: “Allah.” Zeg dan: “Zullen
jullie (Allah) dan niet vrezen?”
Tweede regel:
De tweede regel is het weten dat de ongelovigen claimen
dat zij niet tot hun afgodsbeelden bidden maar dat ze
hen slechts aanroepen om voorspraak te krijgen en
dichterbij tot Allah te komen. Allah de Verhevene zegt
hierover (vertaling): “….En degenen die naast Hem
beschermers nemen (zeggen): “Wij aanbidden hen
slechts opdat zij ons zo dicht mogelijk tot Allah
brengen.” Voorwaar, Allah zal tussen hen rechtspreken
over dat waarover zij van mening verschillen. Voorwaar,
Allah leidt niet degene die een zeer ongelovige
leugenaar is.”
Het bewijs over voorspraak vindt men in de woorden van
Allah, waarbij Hij de Verhevene zegt: “En zij
aanbidden naast Allah wat hen niet schaadt en hen niet
baat, en zij zeggen: “Dezen zijn onze voorsprekers bij
Allah..”