Home
AlgemeenVoor MoslimsVoor Niet-MoslimsVerhalen met een MoraalBekeringsverhalenDe VrouwVraag & AntwoordMediatheekAgendaContact

 

Klik hier  om een printbare
versie te krijgen

 

Lof zij Allah, Degene die het lot voorbestemd heeft en de mensheid geleid heeft. Degene die beide echtgenoten (zowel man als vrouw) geschapen heeft uit een druppel water. Ik getuig dat er geen god is dan Allah, de Enige Die geen deelgenoten heeft. 

Aan hem behoort alle lof van het begin tot het eind. Ik getuig dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is, die in de hemelen is opgestegen en de grote tekenen van zijn Rabb zag. Allah’s vredesgroeten en prijzingen zij met hem, zijn familieleden, metgezellen en degenen die de beste rangen en posities bekleden – moge de veelvuldige vredesgroeten met hen zijn.

Voorts,  

Omdat de moslima een belangrijke positie bekleedt binnen de Islaam, is zij verantwoordelijk voor belangrijke taken. De profeet (vrede en zegeningen zij met hem) heeft een aantal richtlijnen met betrekking tot vrouwen gegeven, toen hij (vrede en zegeningen zij met hem) in zijn preek op ‘arafah de mensen adviseerde goed te zorgen voor de vrouwen. Dit alles geeft de verplichtingen aan, die in alle tijden op hen rusten en vooral in deze tijd waarin de moslims en de moslima’s tot doelwit van aanval zijn geworden. De vijanden van de Islaam willen de kuisheid van de vrouw aantasten en ontnemen en haar van haar positie stoten. Daarom is het zeer relevant om het gevaar voor haar te verduidelijken en de weg van haar redding te beschrijven. 

Wij hopen dat Allah deze serie een handleiding laat zijn voor de vele zusters. Het bevat namelijk een aantal specifieke regels die alleen voor de vrouw gelden. Het is een nederige bijdrage en een geringe inspanning, maar ik hoop dat Allah er velen voordeel van laat opdoen. Hij is immers in staat om alles te doen. Het is een eerste aanzet in deze serie van onderwerpen die betrekking hebben op de moslimvrouw, met de hoop dat er anderen zullen zijn, die dit uitgebreider en meer omvattend zullen vervolmaken in een beter werk dan dit.

 

De positie van de vrouw vóór de Islaam 

Met het tijdperk vóór de Islaam wordt het tijdperk van Al Djaahielieyyah bedoeld, waarin in het bijzonder de Arabieren leefden en daarnaast uiteraard de rest van de mensheid op aarde leefde. Het wordt met deze term aangeduid, omdat de mensen toen in een tijdperk leefden zonder boodschapper, en waardoor er verschillende wegen werden gevolgd. 

Zoals blijkt uit een hadieth, heeft Allah (de Verhevene) hen, de Arabieren en niet-Arabieren, - behalve een aantal lieden van het Boek – verweten dat de vrouw in die tijd in moeilijke omstandigheden leefde. Dit gold vooral binnen de Arabische samenleving, waar de geboorte van een vrouw verafschuwd werd: 

  • Sommigen van hen begroeven hun dochters levend, waardoor zij onder de grond stierf
  • Anderen lieten haar leven in een leven vol onderdanigheid en dienstwilligheid

Zoals Allah de Verhevene heeft gezegd: “En wanneer één van hen de verheugende tijding verkondigd wordt van (de geboorte van) een meisje wordt zijn gezicht somber en is hij vertoornd. (58) Hij verbergt zich voor de mensen wegens het slechte nieuws wat hij kreeg! Zal hij het in weerwil van de schande behouden of zal hij het in de grond verstoppen? Weet: slecht is het waar zij over oordelen! [1] 

En Hij de Verhevene heeft gezegd: “En wanneer het levend begraven meisje ondervraagd wordt. (8) voor welke zonde zij gedood werd. [2] 

Als het meisje in die tijd niet werd begraven, maar de mogelijkheid kreeg om te leven, dan leefde zij vernederend; zij had geen aandeel in de erfenis van haar naasten ongeacht hoeveel rijkdom zij hadden en ongeacht hoezeer zij aan armoede leed, aangezien alleen de mannen in die tijd konden erven. Zij werd zelfs als erfenis genomen, zoals het geld van een overledene geërfd werd.
 

[1] Soerat An-Nahl (16), aayah 58-59
[2] Soerat At Takwier (81), aayah 8-9

Volgende

De Profeet (moge hij de zegeningen en vrede van Allah krijgen), heeft gezegd:

"De vrouw is de bewaker van
het gezin van haar echtgenoot
en ze zal op de Dag des Oordeels gevraagd worden over degenen die onder haar zorg vielen."

Een man vroeg aan de Profeet
(moge hij de zegeningen
en vrede van Allah krijgen)
:

”Wat is mijn plicht tegenover mijn
vrouw?” De profeet antwoorde:
"Dat je haar te eten geeft, wanneer je zelf eet, en voorzie haar van kleren, wanneer je jezelf van kleren voorziet
en sla haar niet in het gezicht,
mishandel haar niet, en zonder je
niet af in tijd van misnoegen.”

(Overgeleverd door Aboe Dawoed,
At-Tirmidhi)

No Copyright (C) Al-Ummah.nl