Home
AlgemeenVoor MoslimsVoor Niet-MoslimsVerhalen met een MoraalBekeringsverhalenDe VrouwVraag & AntwoordMediatheekAgendaContact

Download Adobe Reader
om dit Document te kunnen lezen

 

 

Het volk van Noah verdronk door een verschrikkelijke overstroming… De ‘Ad werden volledig overvallen door een verwoestende zandstorm… Het volk van Loeth, wat homoseksualiteit beoefende, werd van de aardbodem afgeveegd door lavastromen en aardbevingen… Het leger van de Farao verdween in de zee… En vele andere vroegere volkeren werden vanwege hun godslastering door Allah van de aardbodem weggeveegd. Dit boek laat zien hoe de volkeren waar in de Qor’aan naar verwezen wordt, verdwenen. Het presenteert dit door duidelijk bewijs uit archeologische vondsten en de historische gegevens van deze volkeren.

Naar het begin

Op gezag van Aboe Hurairah
(moge Allah tevreden met hem zijn) van de Profeet (moge hij de zegeningen en vrede van Allah krijgen), die zei:

“Een man had grote zonden tegen zichzelf begaan, en toen de dood naderde, beval hij zijn zoons: “Als ik overleden ben, verbrand mij, vermaal
mij dan en strooi (mijn as) in de zee, want, bij Allah, als mijn Heer mij te pakken krijgt, dan zal Hij mij op zo'n manier straffen als Hij niemand anders heeft gestraft.”

Dit deden zij met hem. Toen zei Hij
(Allah) tegen de aarde: “Breng voort
wat je hebt genomen – en daar was hij! En Hij (Allah) zei tegen hem: “Wat heeft jou ingegeven om te doen wat je deed?” Hij zei: “Angst voor U, O mijn Heer
(of hij zei: “Ik was bang voor U) en om deze reden vergaf Hij hem.

Dit is overgeleverd door Moeslim (ook
door Al-Boechari, an-Nasa'i en
Ibn Maadjah).
 

No Copyright (C) Al-Ummah.nl